Schaatsen voor militair gebruik
Hollandse waterlinie
De Nederlander heeft van oudsher een haat-liefdeverhouding met het water. Het water neemt en het water geeft, zegt men wel. Water wordt beschouwd als vijand omdat het kan leiden tot verdrinkingen en tot ravages, maar als vriend vanwege de visvangst en het vermaak. Waterwegen zijn een essentieel element voor de economische welvaart van het land. Nederland is zonder water niet goed denkbaar. Het water is dan ook voor een belangrijk deel verbonden aan de ontstaansgeschiedenis van het Koninkrijk der Nederlanden, namelijk vanwege de geniale gedachte om tijdens de 80-jarige oorlog (1568-1648) het water te gebruiken als verdedigingssysteem tegen vijandelijke legers. In een tijd dat er nog geen vliegtuigen bestonden en paarden de functie van tank vervulden, werd de vijand afgeweerd door grote delen van het laag gelegen land onder water te laten lopen. Zo konden met relatief weinig militairen vele kilometers land op eenvoudige wijze worden verdedigd. Maar ook tijdens de wereldoorlogen van 1914-1918 en 1940-1945 heeft het water een belangrijke rol gespeeld bij zowel de verdediging als de bevrijding van Nederland.

De waterlinie in wintertijd
Ook in wintertijd was de waterlinie een geducht verdedigingselement. Als het water niet bevroren was, was het vrijwel onmogelijk om door het water op te trekken. Het waden door water is zwaar en bovendien onzeker vanwege diepteverschillen. Maar het bevroren water gaf de vijand ook weinig mogelijkheden. Door ijzer onder de laarzen te slaan kon er weliswaar over het ijs worden gelopen, maar tegen de Hollandse legertjes die zich op schaatsen verplaatsten hadden ze weinig kans. Over de verhoudingen zijn nog steeds vermakelijke anekdotes bekend.  De afbeelding laat zien dat er ook op het ijs werd geëxerceerd, hier op de Merwede voor Dordrecht.

Schaatsen voor militair gebruik

Uit de afbeelding met chargerende militairen blijkt dat in wintertijd schaatsen tot de vaste uitrustingsstukken van Jan Soldaat moeten hebben behoord. Aangenomen mag dan ook worden dat de legerleiding speciaal voor militair gebruik orders plaatste bij de makers van schaatsen. Er is echter weinig over bekend. Blauw (Van glis tot klapschaats, 2000) maakt in zijn beschrijvingen van de Nederlandse schaatsenmakers echter op verscheidene plaatsen dat de oude voorraden in de winter van 1939-1940 door de overheid werden opgekocht om het leger van schaatsen te voorzien. Hierbij ging het dus om 'gewone' schaatsen. De afbeelding toont echter een paar speciaal vervaardigde schaatsen. Dat blijkt uit de zeer zware uitvoering en het legergroen waarmee ze zijn geverfd. Vanwege de vindplaats bestaat overigens het vermoeden dat deze schaatsen in gebruik zijn geweest bij het Belgische leger.

Soldatenschaats, 1e kwart 20e eeuw
Fabricaat: onbekend
Merk: geen

Technische gegevens:
Totale lengte: 42 cm, hoogte boven ijs: 4,2 cm;
voetstapel: 31 cm lang, 6,5 cm breed;
schaatsijzer: 21 mm hoog, 8,5 mm dik;
gewicht: 740 g inclusief montuur.

Ook van het Noorse en Zweedse leger is bekend dat schaatsen tot de uitrusting van het leger behoorden. Hierbij zou het gaan om geheel metalen schaatsen.
 

 
 

 

 
 
 
 
 
Terug naar het submenu
Copyright © 2002-9 Het virtuele Schaatsenmuseum. Alle rechten voorbehouden.