| Toer- en marathonschaatsen (1) | |
|---|---|
|
In vroeger tijden was schaatsen voornamelijk een recreatieve bezigheid in perioden dat het economische leven als gevolg van winterse omstandigheden vrijwel tot stilstand was gekomen. Voor velen was dit daardoor een goede tijd om weer eens op bezoek te gaan bij familieleden die niet naast de deur woonden. En omdat de trekschuit niet voer, bonden zij hun schaatsen onder en gebruikten het bevroren water als weg. Anderen maakten van de gelegenheid gebruik om gewoon eens een blokje om te schaatsen. En natuurlijk waren er altijd de echte doorzetters die ambitieuze tochten ondernomen met geen ander doel dan zichzelf te bewijzen en anderen te imponeren. Schaatstoerisme Er is in de loop der eeuwen, althans in Nederland, weinig veranderd. Nog steeds stappen duizenden op de schaats om een tocht te maken, al dan niet samen met anderen. Misschien is Nederland wel het enige land ter wereld waar het rijden van toertochten zo wijd verbreid is dat er vrijwel geen landsman of -vrouw is die er niet een keer aan heeft deelgenomen. Dit is ongetwijfeld een gevolg van het uitstekende waterwegennet, de ontelbare poldervaarten, plassen en meren én die merkwaardige warmte die in de Nederlander vaart als het buiten echt koud begint te worden. Het rijden van tochten werd bevorderd door het uitgeven van instructieve boekjes en speciale ijswegenkaarten. Omdat het schaatstoerisme voor de steden een economisch belang vertegenwoordigde, werden er contracten afgesloten met ijsclubs om bepaalde trajecten sneeuwvrij te maken, het ijs te effenen en wakken en grote scheuren te markeren. Er bestond in Nederland dus een systeem van ijswegenbeheer. Niet alleen de middenstand voer wel bij het schaatstoerisme, de tochtenrijders waren ook een bron van inkomen voor de gewone man: de baanvegers werden met een paar centen bedacht en overal zag je kraampjes waar je op krachten kon komen onder het genot van 'koek en zopie'. Natuurijs Hét onderscheidende element van het toerschaatsen is dat het altijd plaatsvindt op natuurijs. Georganiseerde tochten Door de jaren heen waren In het noorden Leek en in het Zuiden Gouda bekende doelen. Geslaagde tochten werden bewezen door uit Leek een 'takje' mee te brengen en uit Gouda een (hele!) stenen pijpje. Tegenwoordig beijveren tientallenen lokale ijsbaanverenigingen zich om, zodra er kans op natuurijs is, honderden georganiseerde toertochten aan te bieden. Deze tochten gaan over verschillende afstanden, waarbij tochten onder de 25 kilometer als 'kort' worden aangemerkt. De beloning voor een voltooide tocht zijn nu kleurige vaantjes en fraaie medailles. |
![]() |
![]() |
|
![]() |
|
![]() |
|
|
|
|
| Copyright © 2002-9 Het virtuele Schaatsenmuseum. Alle rechten voorbehouden. | |